11e UCERF symposium op 11 april 2017

Op 11 april 2017 vond het jaarlijkse UCERF symposium over actuele ontwikkelingen in het familierecht voor de elfde keer plaats. Het symposium werd door prof. dr. Wendy Schrama geopend met een welkomstwoord dat betrekking had op het advies van de Staatscommissie Herijking Ouderschap.

De middag begon met een drietal interessante sprekers onder voorzitterschap van mr. dr. Susanne Burri. Als eerste sprak mr. Constantijn van Dam van Isselt, kinderrechter bij de Rechtbank Amsterdam, over het kindgesprek en recente ervaringen hieromtrent. Hierbij ging hij in op de eerste resultaten van het project van de Rechtbank Amsterdam over het horen van 12-minners. Hij betrok hierbij ook het recente voorstel van de Staatscommissie Herijking Ouderschap om kinderen vanaf 8 jaar te horen. Bijzonder interessant waren de praktijkvoorbeelden van reacties van kinderen: ‘op meningen staat geen leeftijd’. Daarna sprak prof. dr. Catrin Finkenauer, die als hoogleraar verbonden is aan de faculteit sociale wetenschappen van de Universiteit Utrecht over de rol van het sociale netwerk bij (v)echtscheidingen. Deze kijk op het echtscheidingsproces bood nieuwe inzichten in risicofactoren voor escalatie van een conflict. Dit onderzoek is van belang voor scheidingsonderzoek en voor interventieprogramma’s zoals ‘Kinderen uit de Knel’, die het sociale netwerk betrekken bij het proces. Tenslotte deelde mr. dr. Esther Pans nieuwe inzichten over wilsbekwaamheid bij dementerenden. Zij is als onderzoeker aan de VU verbonden en werkt tevens als advocaat bij Kennedy van der Laan met een specialisatie in gezondheidsrecht. In haar presentatie kwam duidelijk de spanning tussen de realiteit en het wettelijke uitgangspunt omtrent wilsbekwaamheid naar voren. Het belang van deze inzichten wordt groter nu de bevolking steeds ouder wordt en ouderen langer thuis wonen.

Na de pauze werd de middag voorgezeten door mr. dr. Merel Jonker. Advocaat en docent aan de UvA, mr. Pauline Montanus, sprak als eerste over de rol van het IVRK in de jeugd- en familierechtpraktijk. Hierbij ging zij in op verschillende aspecten, zoals de ontwikkeling van het IVRK en relevante jurisprudentie. Centraal stond de betekenis die het IVRK heeft gehad en zou kunnen hebben en de rol die advocaten hierin kunnen nemen door vaker een goed gemotiveerd beroep te doen op de relevante kinderrechten. Daarna ging mr. Kristien Hepping, onderzoeker bij UCERF, in op de rechtspositie van ouders in de jeugdbeschermingsprocedure. Hierbij kwamen met name de rechtsbijstand en de rechtspraak van het EHRM over de implicaties die artikel 8 EVRM kan hebben aan bod. Ook presenteerde zij de resultaten van haar empirisch onderzoek naar de aanwezigheid van een advocaat voor de ouders in jeugdbeschermingsprocedures en de nuttige rol die advocaten daarbij kunnen vervullen. Tenslotte sprak de laatste spreker, mr. dr. Hans ter Haar, universitair hoofddocent notarieel recht aan de RUG, over rechtsvergelijkend onderzoek naar het toezicht van bewind van ouders en voogden over het vermogen van minderjarigen. Hij sloot de dag af met een aantal interessante aanbevelingen voor verbetering.

Aan het eind van deze interessante en zeer goedbezochte dag werd het symposium onder het genot van een drankje afgesloten.

De bundel met bijdragen van de sprekers kan hier besteld worden.

Voor de presentatie van mr. van Dam van Isselt, klik hier.

Voor de presentatie van prof. dr. Finkenauer, klik hier.

Voor de presentatie van mr. dr. Pans, klik hier.

Voor de presentatie van mr. Montanus, klik hier.

Voor de presentatie van mr. Hepping, klik hier.

Voor de presentatie van mr. dr. ter Haar, klik hier.

 

 
Delen: